Beschrijving
Toen de bekende Pinksterprediker David du Plessis in 1947 bij de opening van de eerste Wereld-Pinksterconferentie te Zürich, zijn geruchtmakende uitspraken deed, deed hij in de Pinksterwereld het nodige (kaf)stof opwaaien. De gevestigde gedachte over de profetie die Johannes de Doper uitsprak (Matth. 3 v.9-12) was zo ongeveer overeenkomstig hetgeen hierboven al werd beschreven. (zie A t/m H). Jesaja en Maleachi hadden het reeds aangekondigd.
Du Plessis hield zijn luisteraars de vraag voor: “IN HET BEGIN KEKEN WE MET WELGEVALLEN NAAR JONG BEKEERDEN, DIE VERVULD MET DE HEILIGE GEEST, ZONGEN EN SPRONGEN, ALSOF ZE ONDER STROOM STONDEN. VANDAAG DE DAG ZIEN ZULKE HOOGSPANNINGSGELOVIGEN NEER OP OUDE, ERVAREN PINKSTERMENSEN, DIE VOLGENS HEN, LAUW GEWORDEN ZIJN, OMDAT ZE NIET MEER SPRINGEN EN ZINGEN.” Zie: “De Geest maakt levend”, door David du Plessis: blz. 126 e.v. Hij vraagt dan: “Was de geestdrift van de nieuwe bekeerlingen verkeerd? Is de wat meer ervaren gelovige koud en afvallig geworden in de laatste jaren?”
Du Plessis haalt dan Maleachi 3 v.1-3 aan, de bode die voor Gods aangezicht de weg bereiden zou in de geest en de kracht van Elia. (Luc. 1 v.17 en 76). Het gaat over Johannes de Doper. Johannes brengt in Matth. 3 v.7-10 een aankondiging aan het “ADDERENGEBROED”, dat absoluut geen vruchten voortbracht. Ze waren vruchtbomen ZONDER goede vruchten, de bijl (als een zwaard ten oordeel) lag reeds gereed aan de voet van “DE BOOM” Gen. 3 v.24; 1 Kron. 21 v.16.
Zie voor verdere TOELICHTING ook de INHOUD en VOORWOORD van het boek !
| Auteur: | David J. du Plessis |
| ISBN: | — geen — |





