Aanbieding!

Korting De gouden bron

Oorspronkelijke prijs was: € 19,90.Huidige prijs is: € 9,95.

Verzending Gratis verzending vanaf € 60,00 Voor bestellingen vanaf dit bedrag
Afrekenen Veilig afrekenen SSL beveiligde betaalpagina
BETAALMETHODEN Betaalmethoden
Artikelnummer: SK0106471-NL20260525-082845 Categorie:

Product omschrijving

Faltonia Betitia Proba (ca. 315-360 na Chr.), een vrouw uit een vooraanstaande Romeinse senatoriale familie, werd christen in een tijd waarin de meeste Romeinse aristocraten trouw bleven aan de polytheïstische religie. Proba gaf uiting aan haar nieuwe geloof door middel van een bijzonder poëzieproject: ze vertelde de belangrijkste verhalen uit het Oude en Nieuwe Testament na in verzen die ze ontleende aan het oeuvre van Vergilius. Van de schepping tot Kaïn en Abel, en van de Bergrede tot de hemelvaart van Jezus, vatte ze de Bijbel samen in bijna 700 prachtige dichtregels. Zo verenigde Proba wat voor haar ongetwijfeld het beste was van twee werelden: de ethiek van het christendom en de antieke literaire traditie.

Specificaties

ISBN9789463403702Oorspronkelijke titelCento Vergilianus de laudibus Christi Auteur(s)Faltonia Betitia ProbaVertaler(s)Mieke de VosRedacteur(en)Vincent HuninkOmvang88 pagina’sUitvoeringPaperbackVerschijningsdatum20 mei 2025Verschenen in de serieMonobiblos

Recensies

In: Katholiek Nieuwsblad, 18 juni 2025
“Proba’s cento mag geen simpel staaltje knip-en-plakwerk heten. Het is uitzonderlijk hoe ze erin is geslaagd om niet alleen een omvangrijk poëtisch mozaïekwerk te vervaardigen uit losse zinnen, maar ook hoe ze de vertaalslag heeft kunnen maken tussen de klassieke Latijnse literaire cultuur enerzijds en de christelijke vertelcultuur anderzijds. Dat levert soms een bevreemdende leeservaring op,maar stelt ons ook in staat om bijbelverhalen in een heel ander licht te zien. Jezus krijgt zelfs de trekkenvan een klassieke held in het verhaal.”
Luuk van den Einden

In Hermeneus en op: NKV, november 2025
De gouden bron is een goede vertaling van een onderbelicht gedicht.”
Bram van der Velden